|
Oud-Dordtenaren Jan en Ali Schut genieten van het pensioen in hun
zelfgebouwde huis in het Oostenrijkse Ludmannsdorf. Op 800 meter hoogte
hebben ze vrij uitzicht op de Karawanken, de natuurlijke grens met Slovenië.
Hun devies: diep inademen en de vrijheid vol overtuiging opsnuiven. Grüss
Gott!
door Jeffrey Kutterink LUDMANNSDORF – Een plek waar de natuur nog natuurlijk is en waar de toerist nog reiziger kan zijn, is de slagzin van de inwoners van het Oostenrijkse Ludmannsdorf. En ze hebben gelijk. Wie vanuit het dorp uitkijkt over het Rosental naar de Karawanken vergeet die schoonheid en die ijzige stilte nooit. Een ideale stek om te onthaasten. In het zuiden van Karinthië, ten oosten van Villach, ten westen van Klagenfurt en een minuut of tien rijden van de populaire toeristenplaats Velden, ligt Ludmannsdorf. Een gemeente met 1800 inwoners verspreid over vijftien gehuchten gelegen in een omtrek van 26 vierkante kilometer. De gemeente is gebouwd tegen een aantal bergen, waarvan de hoogten variëren van 600 tot 900 meter. Elk dorp heeft zo zijn eigen uitkijkpost over het Rosental waar de blauwe Drau al slingerend doorheen stroomt. Het uitzicht over het dal is in één woord imposant. De grillige bergspitsen en –kammen met weinig begroeiing vormen een schril contrast met de in de dalen staande bossen. Beken zoeken een weg door het begroeide Rosental, waar schilderachtige dorpjes liggen, zoals Feistritz im Rosental, Sint Johann en Maria Elend. Nadrukkelijk op de achtergrond aanwezig zijn de Karawanken. De hoogste top is de Hochstuhl (2236 meter). De bergketen vormt de natuurlijke grens met Slovenië, het land dat voor 1918 behoorde tot Oostenrijk. Die historie is nog steeds duidelijk aanwezig in het tweetalige Ludmannsdorf (Bilčovs in het Sloveens). Zo hebben de dorpen een Duitse en een Sloveense naam en zijn er verschillende Duitse en Sloveense zangkoren (zoals: Sängerrunde Ludmannsdorf en Vaščani pojo). ,,De plaatselijke bevolking noemt Ludmannsdorf het zonneterras van het Rosental’’, vertelt burgemeester Stefanie Quantschnig. En daarmee zegt ze niets te veel. Vaak schijnt de zon, want de Middellandse en Adriatische zee beïnvloeden het weer sterk. ,,Door het milde klimaat valt gemiddeld weinig regen in de zomer. Het voorjaar en de herfst zijn vaak aangenaam en in de winter is het dorp een ideale plaats om te genieten van de wintersport’’, weet Quantschnig. In tegenstelling tot de toeristenplaatsen rondom de Wörthersee, heeft Ludmannsdorf veel van zijn oude karakter bewaard. ,,Boeren verkopen hier nog hun eigen producten, zoals most, een zelfgemaakte verfrissende drank gemaakt van eigen fruit en verscheidene soorten zelf gemaakt vlees’’, zegt Quantschnig. ,,Bij verschillende boeren kun je ook uitgebreid eten, of buschenschenke, zoals we dat hier noemen. Je krijgt dan een uitgebreid arsenaal aan vlees voorgeschoteld, uiteraard geserveerd met zelfgemaakte most, zelfgemaakte appelsap of schnaps.'' Ludmannsdorf is een uitstekende uitvalsbasis om het land der meren, zoals de bijnaam van Karinthië luidt, te verkennen. Hoewel het toerisme de laatste jaren in een dip heeft gezeten, bezoeken steeds meer toeristen het gebied weer. Vorig jaar brachten ruim 11.000 mensen hun vakantie door in Ludmannsdorf, zo blijkt uit cijfers van de gemeente. Behalve de schoonheid van het gebied, spelen de lage prijzen mede een rol. Voor gemiddeld 400 tot 600 gulden per week hebben toeristen in het hoogseizoen onderdak in een van de vele pensions, hotels of huurhuisjes. ,,In en rond het dorp valt veel te beleven’’, weet Herbert Koren, eigenaar van het gelijknamige hotel. ,,Zo zijn er bijvoorbeeld verschillende fiets- en wandelpaden. Voor fietsers is de 120 kilometer lange route langs de Drau aan te bevelen. Wandelaars kunnen helemaal hun hart ophalen.’’ Behalve de vele bergwandelroutes in tal van categorieën, moeilijkheidsgraden en lengten, zijn er ook in het dorp een paar leuke routes uitgezet. Unser Wald lebt maakt kinderen wegwijs in de natuur. Het pad start bij restaurant Ogris (Miklavž in Sloveens), waar het kroost een rugzak met verrekijker en vragenlijst meekrijgt. ,,Spelenderwijs leren kinderen welke dieren hier in de natuur leven’’, zegt restauranthouder Hans Ogris. Een draagbare cassetterecorder kan gratis worden meegenomen, zodat alle bijzonderheden onderweg worden verteld. Het wandelpad is door de bewoners zelf aangelegd en dat geldt ook voor de route Platze der kraft: een rondgang door de hooggelegen bossen met uitkijkposten over het Rosental. Het Mystischer Pfad (het pad der mythen en sagen) leidt wandelaars langs vreemde plekken, zoals een mysterieuze mierenhoop en plekken waar geneeskundige krachten vanuit gaan. ,,Geloof het of niet, maar het zijn de verhalen die hier al eeuwen rondgaan’’, zegt Ogris. Veel vakantiegangers schaffen voor een gulden of zeventig een Kärnten Card aan en gaan ermee met fikse korting naar talloze attracties en bezienswaardigheden. De korting loopt zo hard op dat met een bezoek aan de Villacher alpenstrassen, de Tscheppa Schlucht en een rondvaart over de Wörthersee de kaart al ruimschoots is terugverdiend. De talloze andere attracties zoals de Mölltaler Gletscher (eeuwige sneeuw op 3300 meter), een rondvaart over de Osiacher See of een tocht met de Reisseckbahn zijn vrijwel gratis. Wie wil winkelen of uitgaan kan terecht in de dichtbij gelegen steden Velden, Klagenfurt en Villach. Zeker op vrijdag- en zaterdagavond pronkt menige Ferrari- of Porscherijder met zijn wagen over de boulevard, langs het casino en het bekende slot Velden. Ludmannsdorf ligt zo centraal dat de afstanden naar Italië (Venetië, Tarvisio) of Slovenië (onder andere bedevaartsoort Brezje en de steden Bled en Ljubljana) kort zijn. Wie van autorijden houdt en naar Slovenië wil, moet niet de Karawanken Tunnel, maar de steile en ontluikende Löblpass nemen. Sommige toeristen vinden het gebied zo mooi, dat ze nooit meer weg gaan. Verscheidene Nederlanders hebben er zelfs een huis gekocht. Net als de oud-Dordtenaren Jan en Ali Schut, ‘dé gidsen van Ludmannsdorf’, zoals de twee worden genoemd. Ze genieten van hun pensioen in hun zelfgebouwde huis in Oberdorfl, een van de vijftien dorpskernen. Het huis staat op een 800 meter hoge berghelling en is gelegen aan een bosrand. Vanaf het terras hebben ze een vrij uitzicht over het Rosental en op de Karawanken. Van de buren hebben ze geen last, want die wonen een paar honderd meter verder. ,,Ik was hier in 1965 op vakantie’’, vertelt Jan. ,,Net als jij sliep ik in een pension. Jaar in, jaar uit kwam ik hier terug, ik sprak met veel mensen en zag dat verscheidene Nederlanders hier een huis lieten bouwen. Toen begon een proces dat jaren heeft geduurd. Ik kwam er achter dat Karinthië een gunstig klimaat heeft, dat de natuur mooi is, dat het er rustig is: eigenlijk een paradijs op aarde. De zomers zijn warm en er valt relatief weinig regen. Het voorjaar en de herfst zijn erg aangenaam. Na een aantal jaar, in 1971 om precies te zijn, zag ik het zitten om hier ook een huis te bouwen. In 1991 hebben Ali en ik het boek van het werkzame leven afgesloten en zijn we verhuisd. Eigenlijk zijn we een nieuw leven begonnen. We leven zelf in het beneden huis. De tweede verdieping, die we er later hebben opgebouwd, verhuren we het gehele jaar door aan gasten.’’ Ali wil voor geen goud meer terug naar Dordt, al is ze nog niet zo lang geleden tijdens een bezoek aan familie langs het ouderlijk huis aan de Dubbeldamseweg gereden. ,,Het is leuk om Dordrecht weer even te zien, maar ik ben blij als ik weer terug in Ludmannsdorf ben.’’ |